Slecht management schijnt de oorzaak te zijn van het vertrek van Marc van Campen bij Baker-McKenzie. Met tien andere gebrouilleerde Baker-McKenzies begint hij Van Campen en partners in Zuid. Van een uitloop bij het prestigieuze Zuidas kantoor lijkt dus welzeker sprake. Ondanks tegengestelde geluiden van het achtergebleven knarsentandende boardlid Mirjam de Blécourt.
Wat is er mis in de topadvocatuur? Gekibbel, trammelant, bonje & stampij lijkt synoniem voor Simmons & Simmons, Baker-McKenzie en Van Mens & Wisselink. Ruzies lopen bij gelegenheid compleet uit de hand. Oorzaak: grote kantoren hebben last van de flamoes advocaat-manager (FAM).
'Peter-Principles'
De FAM is een product van een hiërarchisch, complex en bureaucratisch advocatenkantoor. Hij is identificeerbaar middels het 'Peter-Principle'. De FAM is een paradox. Enerzijds een briljant advocaat maar gelijktijdig een non-valeur. Hij is pathologisch manipulatief. Om die reden is het beter om van een patiënt te spreken.
De FAM begint zijn carrière als een veelbelovende advocaat-stagiair. Logischerwijs komt hij in aanmerking voor een vaste aanstelling als medewerker. Daar ontwikkelt hij zich snel als een inhoudelijk voortreffelijke raadsman. Promotie en partnertraject lonken. De taken worden uitgebreid. Denk aan acquisitie, relatiemanagement, urenmanagement en coaching van stagiaires. In het partnertraject volgen extra managementtaken zoals HR-problematiek, investeringsbeleid, strategie en marketing. Eenmaal in het Dagelijks Bestuur worden CEO-kwaliteiten gevraagd.
Het Peter-Principle stelt dat een kantoorgenoot die een dergelijke promotie maakt, stijgt tot zijn niveau van volstrekte incompententie. Steeds worden nieuwe competenties aan de functie toegevoegd waarvoor de advocaat niet is opgeleid. Meestal verdiept hij zich niet of nauwelijks in die nieuwe bekwaamheden, blijft vaak z'n oude werk doen terwijl de andere taken juist zijn KPI’s vormen. Vanaf dat moment neemt zijn nut voor kantoor schielijk af. Uiteindelijk functioneert de advocaat helemaal niet meer en realiseert hij vooral discontinuïteit. A FAM is born.
Altijd druk, altijd stress
Met vileine verdedigings- en verdringingsmechanismen maskeert de FAM zijn disfunctioneren. Zo is er de prullenbakker. Dat is een pathologische clean-desk fetisj om de suggestie te wekken accuraat en efficiënt te werken. De dossierstapelaar is tegenovergesteld. Tientallen dossiers ondersteunen de suggestie belangwekkend te zijn. Gemene deler is dat de FAM rusteloos en gehaast door de gang draaft. Altijd druk, altijd stress. Deur potdicht en telefonisch onbereikbaar. Toch besteedt de FAM onevenredig veel tijd aan nutteloze zaken, heeft de neiging anderen de schuld te geven, bullebakt naar stagiaires of probeert juist met vleierij en pluimstrijken allianties te smeden door iedereen deelgenoot te maken van zijn ellende. De FAM overziet de complexiteit van de organisatie niet en verlangt terug naar zijn vertrouwde 'core business'. Weer 'klein' te zijn, 'flexibel'.
Dit type manager heeft grote moeite met het feit dat nieuwe talenten carrière maken. Hij voelt zich geïntimideerd en bedreigd want de natuurlijke orde wordt verstoord. Zorgelijk is dat de FAM geen uitzondering is. In het bestuur van grote kantoren bevinden zich meerdere FAM’s die een eigen set aan regels hebben om de status quo te handhaven. Wat overblijft is een kantoor met een bestuursstructuur die vergelijkbaar is met het Romeinse rijk in verval. Oorlog is onvermijdelijk.
Wie de FAM is bij BakerMcKenzie? Wij lezen uw suggesties graag hieronder.
Maar niet getreurd, de FAMs vervullen een belangrijke taak op sociaal-cultureel-pedagogisch vlak. Dat de urenslaaf van tegenwoordig geen tijd meer heeft om naar het Nationaal Toneel te gaan om Shakespeare te zien is niet erg, de koningsdrama's op kantoor zijn veel beter!